| Wetenschappelijke naam | Centaurea cyanus |
| Uiterlijk | Kleine gedroogde blauwe bloemen, in fijne en licht gekreukte bloemblaadjes |
| Geur | Licht, kruidig, zacht en subtiel bloemig |
| Kleur | Hemelsblauw tot violetblauw |
| Gebruikte delen | Hele bloemen of gedroogde bloemblaadjes (infusie, kompressen, wierook) |
| Oorsprong | Europa, West-Azië, genaturaliseerd in Noord-Amerika |
| Toxiciteitsniveau | Zwak (goed verdragen bij intern en extern gebruik; geen bekende toxiciteit bij traditionele doseringen) |

















