Botanique - Bonen van Obaluaiê

Wetenschappelijke naam Ricinus communis L.
Andere namen Obaluaiê-boon, ricinuszaad
Uiterlijk Hard, glad en glanzend zaad, ovaal en enigszins afgeplat van vorm, met aan een van de uiteinden een klein licht uitsteeksel
Geur Zeer zwak tot afwezig wanneer het zaad heel en droog is
Kleur Grijs, bruin, beige of roodachtig, met marmeringen en donkerdere vlekken die per zaad kunnen variëren
Gebruikte delen Uitsluitend een volledig en intact zaad, neergelegd als ritueel voorwerp. Het mag nooit worden geopend, doorboord, vermalen, verbrand of verwerkt in een bereiding
Herkomst Noordoostelijk tropisch Afrika, voornamelijk Ethiopië, Eritrea en Somalië; de soort komt tegenwoordig in veel tropische en gematigde gebieden voor
Toxiciteitsniveau Zeer hoog. Het zaad bevat ricine, een krachtig gif dat vrijkomt wanneer de zaadhuid wordt gekauwd, geplet of beschadigd. Nooit inslikken of een beschadigd zaad aanraken. Bewaren in een gesloten verpakking, buiten het bereik van kinderen en dieren. Neem bij inslikken of onopzettelijke beschadiging onmiddellijk contact op met een antigifcentrum