| Wetenschappelijke naam | Rosa × centifolia |
| Uiterlijk | Zeer gevulde bloemen, met dicht opeengepakte bloemblaadjes, meestal geoogst en gedroogd als knoppen of gekreukelde bloemblaadjes |
| Geur | Bloemig, zoet, bedwelmend, met een poederige toets |
| Kleur | Lichtroze tot intens roze, wordt bruinroze bij het drogen |
| Gebruikte delen | Gedroogde bloemblaadjes, hele knoppen, bloemwater, etherische olie |
| Oorsprong | Historisch geteeld in de Provence, in de Kaukasus, in Perzië en Noord-Afrika |
| Toxiciteitsniveau | Zwak (eetbare en cosmetische plant; zonder bekende toxiciteit bij traditioneel gebruik) |

















