| Wetenschappelijke naam | Pogostemon cablin |
| Uiterlijk | Tropische vaste kruidachtige plant, met dikke stengels, brede en donzige tegenovergestelde bladeren met afgeronde tanden, en kleine witachtige of violetkleurige bloemen in aren |
| Geur | Krachtig, aards, houtachtig, met vochtige en licht kamferachtige tonen |
| Kleur | Donkergroen (bladeren), wit tot lichtpaars (bloemen) |
| Gebruikte delen | Gedroogde of gefermenteerde bladeren (vooral voor de extractie van etherische olie) |
| Oorsprong | Zuid-Oost Azië (Indonesië, Filipijnen, India) |
| Toxiciteitsniveau | Zwak (goed verdragen bij uitwendig gebruik, afgeraden puur op de huid of bij inname) |






















































































































































































































