| Wetenschappelijke naam | Zingiber officinale |
| Uiterlijk | Knoopige en vlezige wortelstok, vezelig van binnen, in segmenten gesneden |
| Geur | Pikant, citroenachtig, kruidig en levendig |
| Kleur | Lichtbeige tot goudbruin aan de buitenkant, geel aan de binnenkant |
| Gebruikte delen | Verse of gedroogde wortelstok (heel of in poedervorm) |
| Oorsprong | Zuid-Azië, India, China, Oost-Afrika, Caraïben |
| Toxiciteitsniveau | Laag (veilig voor voedsel- en medicinale toepassingen; vermijden bij hoge dosering bij gebruik van bloedverdunners) |

















